De Waardevolle Hogeschool
 

De route

  

Als instellingen voor hoger onderwijs structureel gaan bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken, staat hun zelf ook een transitie te wachten. Voorop staat dat de instelling dit zou moeten omarmen als de majeure strategische route voor de komende jaren. 

De transitie is aanzienlijk, een organisatie ontwikkelt zich niet in één stap van een ‘klassieke’ naar een waardegestuurde organisatie. Maar de ambitie om dit perspectief te realiseren is bij velen aanwezig. Er is immers een toenemende aandacht voor de maatschappelijke waarde die instellingen -zoals een hogeschool- creëren. Die aandacht is er bij medewerkers en zeker ook bij de huidige generatie studenten. 

We zien ook bij veel hogescholen inmiddels aanzetten tot maatschappelijke actie. We zien opleidingen die bijvoorbeeld de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen in hun programma hebben opgenomen. Ook zien we opleidingen die studenten in contact brengen met maatschappelijke vragen door bijvoorbeeld fieldlabs in te richten, of minoren waarin studenten werken aan vraagstukken vanuit de regio. 

Deze transitie vraagt van medewerkers om een opleiding geheel vanuit het maatschappelijk perspectief op te zetten en er zelf aan bij te dragen. In een eerste fase van transitie is experimenteren nadrukkelijk aan de orde (1). Een uitdagende manier om de eerste fase vorm te geven, is het inrichten van een ‘transitiearena’, waarin iedereen die gemotiveerd is een experiment kan uitvoeren. Na voldoende experimenteren en als er voldoende draagvlak is, neemt de snelheid van de transitie toe. Als het ‘kantelpunt’ is gepasseerd, kun je de uitkomst structureel maken. Dan zijn alle vraagstukken waaraan we studenten laten werken (onderdelen van) maatschappelijke vraagstukken.

Zo gaat een hogeronderwijsinstelling functioneren als een ‘plein’ waar studenten, docenten en regionale (en mogelijk ook internationale) partners samenkomen. Studenten biedt het een brede oriëntatie op de vraagstukken in de regio en de bijdrage die zij kunnen leveren. Ze kiezen hun gewenste ontwikkelpad, waarbij de regionale partners een leeromgeving aanbieden en de hogeschool het leerproces faciliteert. De hogeschool biedt daarbij ook zicht op de voor een bepaalde kwalificatie vereiste ontwikkeling.
Voor docenten is het plein een open netwerk waarin ze primair gericht zijn op het faciliteren van leerprocessen, het geven van feedback, het beoordelen van portfolio’s en het bewaken van het kwalificatieniveau. 

Bij de realisatie gaat het om meer externe samenwerking, meer gerichtheid op klanten/cliënten/studenten/burgers, meer organiserend vermogen en uiteindelijk om het sturen op en realiseren van die maatschappelijke waarde. Van onze medewerkers wordt dan een meer 'collectieve' en 'connectieve' professionaliteit gevraagd (2).

Steeds meer branches, bedrijven en instellingen richten zich op maatschappelijke waarde. De bereidheid om hierin samen te werken is nu dus groter dan ooit. De tijd is dan ook rijp voor deze initiatieven!











(1) Rotmans, J. (2017). Omwenteling. Amsterdam: Arbeiderspers.

Zie ook een masterclass van Rotmans  









(2) Zie: profmm.nl